Interview projectleiders Zorg voor Veilig
Veilig werken staat op de agenda van alle beroepsgroepen. In de luchtvaart, in de industrie, in het midden- en kleinbedrijf en in de tweede lijn. Nu is de eerste lijn aan de beurt. In het driejarige programma Zorg voor Veilig pakt de eerste lijn gezamenlijk de bevordering van patiëntveilige zorg op. Els Eijssens en Anneke Venema begeleiden het proces van impliciete veilige zorg door de professionals, naar een expliciete en bewuste veilige zorg die vanzelfsprekend wordt voor de patiënt.
Tekst: Kees Kommer | Fotografie: Marjon Zijlstra | februari 2010
Is er dan zo veel mis met de patiëntveiligheid? ‘Nee, de eerstelijnszorg is in het algemeen veilig. De kans dat een patiënt schade oploopt, die vermeden had kunnen worden, is klein. Toch gebeurt het dat druk op de borst wordt geweten aan een griepepidemie, dat een patiënt bij een eerste insulinerecept de verkeerde toedieningsvorm meekrijgt, dat bij een reisadvies geen malariarecept wordt meegegeven, dat een ernstig overgevende patiënt niet door een arts wordt bezocht maar wel de volgende dag met uitdrogingsverschijnselen in een ziekenhuis opgenomen wordt, dat in plaats van oogdruppels lijm in een oog wordt aangebracht en dat een SOA-kweek tussen nieuwe kweeksetjes wordt geplaatst.’
Grootschalig onderzoek
Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft IQ HealthCare van het UMC St. Radboud de opdracht gegeven voor een grootschalig landelijk onderzoek naar vermijdbare schade bij cliënten en patiënten in de eerstelijnszorg. De projectleiders sommen in het kort de belangrijkste resultaten op. ‘Het afgelopen jaar zijn 5.000 patiëntendossiers in vijf sectoren onderzocht. Per 1.000 patiënten leverde dat 8 (tandartspraktijken) tot 58 (huisartspraktijken) incidenten op, maar nooit met het overlijden van de patiënt als gevolg. In slechts 2 gevallen was sprake van blijvende, maar nietlevensbedreigende schade en het aantal zieken huisopnames bleef beperkt tot maximaal 7 per 1.000 dossiers.’
Vijf verbeteringen
Dit onderzoek onder leiding van M. Wensing geeft ook aan waar verbeteringen mogelijk zijn: a) in de kwaliteit van verslaggeving in patiëntendossiers, b) bij het klinisch redeneren bij diagnostiek, bijvoorbeeld als ten onrechte lichamelijk onderzoek is nagelaten, c) in therapiekeuze, met name in medicatie, d) in de monitoring van het verloop van de aandoening en e) in de samenwerking tussen zorgverleners. ‘Tot zover de feiten,’ stellen Els Eijssens en Anneke Venema. ‘Er zit echter ook een emotionele of culturele dimensie aan patiëntveiligheid. Wat verstaan zorgverleners in de eerste lijn bijvoorbeeld onder het begrip patiëntveiligheid? Ook hiernaar is onderzoek gedaan.’
Incident of onvermijdelijk gevolg?
Het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit laat zien dat er een verschil is tussen de definitie van patiëntveiligheid zoals gehanteerd in wetenschappelijk onderzoek en de betekenis die professionals aan veiligheid geven. ‘Vanuit onderzoek en beleid is bijvoorbeeld een verkeerde of late diagnose een “incident”, maar vanuit het perspectief van professionals is het een onvermijdelijk gevolg van de diverse en soms tegenstrijdige afwegingen die professionals tijdens het zorgproces moeten maken. Professionals vinden de veiligheid van zorg belangrijk, maar de huidige aanpak van patiëntveiligheid staat ver van hen af.’
Overkoepelend programma
Het is tijd voor actie! Tijdens het door de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) geïnitieerde congres “Patiëntveiligheid in de eerste lijn, vanzelfsprekend” op 19 juni 2008, zijn door verschillende aanbieders van eerstelijnszorg plannen gepresenteerd over hun aanpak van patiëntveiligheid. Daarmee is voor deze partijen de start gemarkeerd met verbeteringen op het gebied van patiëntveiligheid. In oktober 2009 volgde een bestuurlijke afspraak waarin eerstelijns beroepsgroepen aangeven dat patiënten in de eerstelijnszorg recht hebben op vanzelfsprekende veiligheid. Het Netwerk Eerstelijns Organisaties (NEO) is sinds begin 2009 samen met de Landelijke Vereniging Georganiseerde eerste lijn (LVG) het overkoepelende programma “Zorg voor Veilig” gestart.’
Binnen de beroepsgroep
De projectleiders geven aan dat zorgverleners binnen de eigen beroepsgroep aan de slag kunnen met veiligheid. ‘Er is bijvoorbeeld de “NHG-Handleiding voor het opzetten van een procedure voor Veilig Incident Melden” en de daarop aansluitende Handreiking “Patiëntveiligheid in de huisartsenzorg”. De verloskunde kent de perinatal audit, waarbij elke perinatale sterfte wordt besproken en geanalyseerd, wat moet leiden tot verbeteringen. De farmacie heeft een medicatieveiligheidsprogramma en verpleging en verzorging heeft indicatoren voor verantwoorde zorg, en bijbehorende praktische handreikingen. Voor de overige disciplines, die elk op hun manier patiëntveiligheid aanpakken, zal later dit jaar een nationale meldweek plaats vinden.’
Aanjaagprojecten en toolkit
In 2010 lanceert het programma Zorg voor Veilig aanjaagprojecten voor de samenwerkende eerste lijn rond Veilig Incident Melden en rond risicogebieden in de zorg. Voorbeelden zijn “Overdracht van gegevens bij meervoudige problematiek” en “Valpreventie bij ouderen”. ‘Bij de aanjaagprojecten sluiten we aan bij bestaande expertise en ervaringen en spelen de ROS’en een belangrijke rol. Een toolkit patiëntveiligheid komt beschikbaar op www.zorgvoorveilig.nl. met een Zorg voor Veilig VIM-module en tien Zorg voor Veilig Zorgmodules. De VIM-module blikt terug: wat is niet goed gegaan. De toolkit bevat ook halffabricaten voor de patiëntenkaart van de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie (NPCF) en bewustmakende korte checklists“. Na het oefenjaar 2010 wordt 2011 het jaar waarin de hele eerste lijn mee gaat doen en we met patiëntveiligheid gaan oogsten.’
De projectleiders
Els Eijssens heeft een adviesbureau voor de zorgsector. Ze schreef voor de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) het boekje “Patiëntveiligheid en de huisartsenzorg”, waarin ze stelt dat verantwoorde zorg veilige zorg impliceert. ‘Patiëntveiligheid is het minimum niveau waaraan de zorg zou moeten voldoen. Hippocrates legde in zijn eed al “geen schade doen” vast.’ Anneke Venema is adjunct-directeur van de ROS Progez en kent de samenwerkingsverbanden in de eerste lijn als geen ander. Zij leidt bovendien het nieuwe ZonMw-programma Op één Lijn. ‘Het gaat om alle beroepsgroepen in de eerste lijn. Veilig Incident Melden (VIM) zal een van de speerpunten worden om de patiëntveiligheid te vergroten.’
-------------
Leestip: De Eerstelijns, het vakmagazine voor samenwerkende eerstelijnszorgverleners.



